Wanneer recht op sociaal verlof?
Interesse in een knelpuntberoep ?
Papa Guy is een kwalidaddy
Een rapport over papa
Preventieadviseurs vragen meer tijd voor welzijn
Premies voor verpleeg-en zorgkundigen
Rechtengids voor werknemers zonder papieren geactualiseerd
Als je er alleen voor staat...
Halve dag tijdswinst door thuiswerk
Europa wil loonkloof dichten
Nieuw: crisispremie voor arbeiders
Minder en flexibeler werken
Werken om te leren
Daalt uw loon deze maand ook?
’Oscar’ erkent leerervaringen van vrijwilligers
Extra ouderschapsverlof
Het gezin als leerschool
Kinderopvang in Vlaanderen in de lift
Zorgverlof stijgt spectaculair
Gezinsvriendelijke vacatures voor u geserveerd!
Grens tussen privé en werk vervaagt
Kinderopvang in Vlaanderen in de lift
Vlaamse kinderen onder de drie jaar gaan steeds vaker naar de opvang. Naast kinderdagverblijven en onthaalouders staan ook grootouders of andere familieleden in voor kinderopvang. Sinds 2004 is het aantal kinderen dat regelmatig opgevangen wordt met 7,5 procent gestegen. Die toename is het opvallendste resultaat van een grootschalig onderzoek van het Hoger Instituut van de Arbeid in opdracht van Kind en Gezin. Maar het onderzoek bij ouders met kinderen onder de drie jaar bracht ook nog andere interessante resultaten aan het licht.
I ets minder dan twee derde van de kinderen tussen drie maanden en drie jaar maakt regelmatig gebruik van kinderopvang. Een klein derde wordt nooit opgevangen en 5,8 procent maar af en toe. Kwetsbare gezinnen doen nog altijd veel minder een beroep op kinder- opvang in vergelijking met het Vlaamse gemiddelde. Verbazend is de forse stijging in de opvang allerminst. De voorbije vijf jaar is de groep beroepsactieve vrouwen met jonge kinderen immers sterk uitgebreid, aldus de onderzoekers.
Dinsdag en donderdag
Drie op de tien kinderen gaan vijf volle dagen per week naar de opvang. Zeven op de tien gaan deeltijds. Dinsdag en donderdag zijn dé piekdagen. Sinds het vorige onderzoek in 2004 is het aandeel van deeltijdse opvang sterk toegenomen. Wellicht is hier een verband met grootouders die er alsmaar minder voor kiezen hun kleinkinderen elke dag op te vangen. Ze zijn wel steeds vaker beschikbaar bij ziekte of een paar dagen in de week. Twee derde van de ouders moet geen grote afstand afleggen om hun kindje naar de opvang te brengen: in een straal van vier kilometer rond de woonplaats vinden ze een opvangplek en ze doen slechts tien minuten over de verplaatsing van huis naar de opvang en terug.
Serieuze hap in budget
De onderzoekers vroegen de ouders ook wat ze vonden van de kwaliteit van de opvang voor hun kind. Vrijwel iedereen (96 %) schat die kwaliteit hoog tot zeer hoog in. Dat is een verbetering tegenover vroeger. Bij baby’s en peuters die nog niet schoollopen, krijgen de grootouders de hoogste score. De zelfstandige sector scoort hier met 56 procent opvallend laag. Ouders met schoolgaande kleuters tussen tweeënhalf en drie jaar geven de buitenschoolse opvang op school de minst goede punten. Iets minder dan de helft van de ouders vindt dat wel kwaliteitsvolle opvang.
Ouders blijken ook heel wat te betalen voor opvang. Gemiddeld 12 procent van het gezinsbudget gaat naar kinder- opvang, en dat is voor veel ouders een zware dobber. Maar als we de prijzen van een opvangdag bekijken, zien we grote verschillen. Onthaalouders aangesloten bij een dienst zijn met een gemiddelde dagprijs van 12,76 euro het goedkoopst. Zelfstandige kinderdagverblijven met een gemiddelde dagprijs van 19,81 euro het duurst. In deze bedragen is weliswaar nog geen rekening gehouden met de fiscale aftrek van de opvangkosten.
En hoe zit het met het evenwicht tussen werk en gezin van de ouders die gebruikmaken van opvang? Ook dat wilden de onderzoekers weten. Hier zien we grote verschillen tussen de moeders en vaders. Slechts iets meer dan de helft van de bevraagde moeders (56,6 %) ervaart de balans tussen werk en gezin als bevredigend. Bij de vaders is dat 75,9 procent. Vier op de tien moeders willen eigenlijk liever minder werken en hun kindje vaker zelf opvangen, mocht dat financieel haalbaar zijn. Vooral moeders met baby’s van drie tot zes maanden zouden daarvoor kiezen.
Basisrecht
Een reactie van Vlaams minister van Welzijn en Gezin Jo Vandeurzen op dit onderzoek kon niet uitblijven. Hij liet weten dat de Vlaamse regering op termijn van kinderopvang een basisrecht wil maken. Daarom wil de regering werk maken van een concreet groeipad. Om de opvangkwaliteit te waarborgen, is er een kaderdecreet Kinderopvang in de maak dat heel precies vastlegt aan welke minimale criteria alle vormen van formele opvang moeten voldoen. Verder wil de minister dat er meer zelfstandige onthaalouders en kinderdagverblijven een beroep doen op overheidssubsidies. Zo kunnen ook deze opvanginitiatieven, net als de erkende sector, tarieven volgens inkomen en gezinsgrootte aanrekenen. Hoe de minister dat laatste denkt te doen, is niet zo duidelijk. Steeds meer jonge gezinnen maken gebruik van de duurdere zelfstandige opvang, want het aantal bijkomende plaatsen sinds 2004 is vooral daar gerealiseerd.
Tijd voor je kleintje
Ook de Gezinsbond wil meer kwalitatieve, betaalbare en toegankelijke kinderopvang om een betere combinatie van gezin en arbeid mogelijk te maken. Wij zijn blij met het engagement van de Vlaamse regering om in tijden van crisis blijvend te investeren in de kinderopvang. Deze investering komt immers tegemoet aan de vraag van veel jonge gezinnen naar opvang. Maar het opvangonderzoek leert ons tegelijk dat bijna de helft van alle moeders met kinderen die gebruikmaken van opvang, de combinatie van werk en gezin als stresserend ervaart. Veel jonge ouders, vooral maar niet alleen moeders, willen meer tijd om zelf voor hun kinderen te zorgen, vooral tussen de leeftijd van drie en zes maanden. Een langer moederschapsverlof is hiervoor de beste oplossing. Meteen krijgen jonge moeders zo ook een stevige stimulans om langer borstvoeding te geven. Zes maanden ouderschapsverlof per ouder zou het jonge ouders gemakkelijker maken om meer tijd door te brengen met hun kind, tenminste als dat verlof voldoende vergoed is. Voor een beter moederschaps- en ouderschapsverlof rekenen we alvast op de federale regering.








