Wanneer recht op sociaal verlof?
Interesse in een knelpuntberoep ?
Papa Guy is een kwalidaddy
Een rapport over papa
Preventieadviseurs vragen meer tijd voor welzijn
Premies voor verpleeg-en zorgkundigen
Rechtengids voor werknemers zonder papieren geactualiseerd
Als je er alleen voor staat...
Halve dag tijdswinst door thuiswerk
Europa wil loonkloof dichten
Nieuw: crisispremie voor arbeiders
Minder en flexibeler werken
Werken om te leren
Daalt uw loon deze maand ook?
’Oscar’ erkent leerervaringen van vrijwilligers
Extra ouderschapsverlof
Het gezin als leerschool
Kinderopvang in Vlaanderen in de lift
Zorgverlof stijgt spectaculair
Gezinsvriendelijke vacatures voor u geserveerd!
Grens tussen privé en werk vervaagt
Elk jaar in januari stijgen de lonen van heel wat werknemers als gevolg van de automatische indexering. Maar dit keer draait het voor sommigen anders uit. Door de deflatie waarin we nu leven – een periode van prijsdalingen – ziet zo’n half miljoen werknemers zijn loon deze maand lichtjes dalen. Toch wel uitzonderlijk, want zoiets is de voorbije vijftig jaar niet meer voorgekomen.
Als de gezondheidsindex stijgt en er dus inflatie is, wordt het leven duurder. Toch blijft op dat moment onze koopkracht verzekerd, dankzij de automatische loonindexering. Maar sinds ruim een jaar daalt de gezondheidsindex (deflatie) en is er sprake van een zogenaamde negatieve indexatie: het leven wordt goedkoper én sommige werknemers verdienen iets minder.
Wanneer en hoe de loonindexatie gebeurt, hangt af van de sector én het paritair comité waaronder een werknemer valt. Voor de ruim vierhonderdduizend bedienden die werken onder het grootste Aanvullend Nationaal Paritair Comité voor Bedienden 218 , is dat elk jaar in januari. Deze maand dus. Zij zien hun loon dalen met 0,43 procent. Bij ruim honderdduizend arbeiders en bedienden uit sectoren als voeding, bouw, transport, horeca, land- en tuinbouw, textiel en schoonmaak ligt de loondaling tussen 0,37 en 0,43 procent. Werkgevers mogen de negatieve indexatie alleen nu toepassen. Opsparen tot volgend jaar en dan verrekenen met een eventuele loonstijging is niet toegestaan.
De banksector indexeert om de twee maanden en heeft intussen al enkele loondalingen achter de rug. De petroleum- en cementsector (althans voor de arbeiders) en de gas- en elektriciteitssector passen maandelijks de lonen aan. Hier zijn er al sinds april 2009 loondalingen.
Andere lonen wijzigen als de spil-index met twee procent wordt overschreden (de laatste keer in augustus 2008). Het Federaal Planbureau verwacht dat dit pas eind december 2010 opnieuw gebeurt. De indexatie volgens de spilindex is van toepassing op de sociale uitkeringen (de maand na de overschrijding) en op de lonen (de tweede maand na de overschrijding) van ambtenaren, het personeel in de gezins- en bejaardenhulp en de ziekenhuizen, van de opvoedingsinstellingen en uit de sociaal-culturele sector én uit de chemie. Zij moeten dus nog een jaar wachten op de volgende loonstijging van twee procent. Maar dalen doet hun loon (voorlopig) niet, want dan moet de spilindex ook met twee procent zakken.
Zo zie je maar. Elke medaille heeft haar keerzijde. Eerst dalende prijzen en dan een lager loon. Het voornaamste is natuurlijk dat de koopkracht verzekerd blijft.
Yves Coemans, Studiedienst Gezinsbond








